
'Familieclub' Excelsior als springplank na rentree: 'Ik sta open voor een stap'
Handhaving met Excelsior en Speler van het Seizoen: het zijn mooie tijden voor doelman Stijn van Gassel, die tegenover VoetbalPrimeur kan terugblikken op een geweldig seizoen. Een vraaggesprek met de 29-jarige uitblinker uit Ysselsteyn over de terugkeer op het oude nest, teamspirit en ambitie.
Een aantal dagen nadat lijfsbehoud een feit is, komt Van Gassel in de videocall voor een interview. Van kleine oogjes is dan geen sprake meer. Er is wel degelijk een feestje gevierd, maar de knop moet om. Er wacht nog een Rotterdams onderonsje met Sparta. Van Gassel wil die pot dolgraag winnen, maar zijn seizoen is al geslaagd. De reservebank van NEC werd in juli vorig jaar verruild voor een plek onder de lat bij zijn vertrouwde Excelsior.
Als ik je exact een jaar geleden had gezegd dat de wereld er nu zo uit zou zien, wat was dan je reactie?
"Dan had ik je wel voor gek verklaard, ja. Mijn situatie was niet top, maar ik ben er altijd positief in blijven staan. Als je dan zó'n seizoen mee mag maken... Ja, ik zou je wel voor gek verklaren."
Fast forward: handhaving én Speler van het Seizoen. Bij dat eerste is wel even stilgestaan, neem ik aan?
"We hebben het met de supporters en sponsoren mooi kunnen vieren. Daarna zijn we de Witte de Withstraat (uitgaansstraat Rotterdam, red.) in gegaan. Een dag later hebben we met iedereen een rondje langs de Kralingse Plas gelopen en daarna zijn we bak koffie gaan drinken bij de sponsor. Het was top, sommigen hadden het zwaar, haha."
En dan ook nog eens Speler van het Seizoen bij Excelsior, dus.
"Ik ben heel erg van het anderen gunnen. Kijk eens naar Naujoks, Widell, De Regt, Sanches Fernandes... Zij hadden hem ook kunnen winnen. Ik gun het iedereen, maar het is wel mooi dat ik hem zelf in ontvangst heb mogen nemen. Als ik terugkijk heb ik echt een goed jaar gehad. Op belangrijke momenten heb ik er kunnen staan."
En of. Een aantal statistieken: in 31 Eredivisie-wedstrijden goed voor 114 reddingen, met een reddingspercentage van ruim boven de zeventig procent. Ben je een man van de cijfers?
"Statistieken zijn tegenwoordig heel belangrijk. Toen ik startte in het betaald voetbal, had bijna niemand het daarover. Ik vind het vooral leuk om mezelf op een mooie plek terug te zien in lijstjes met statistieken. Wel heb ik zoiets: pas als je een hele wedstrijd kijkt, zie je alles. Maar de erkenning, dat doet wel wat. Mensen zien het, je valt op. Er wordt in de positieve zin over gesproken. Een teken dat je belangrijk bent."
Jullie kunnen met de handhaving op zak aan vakantie denken.
"De opluchting was toch wel groot. We hebben best een behoorlijke eerste seizoenshelft gehad, daarna kwamen er wat downs. Wedstrijden die we eigenlijk moesten winnen, wonnen we niet. Dan moet je tegen FC Utrecht en FC Groningen en denk je: hopen dat we een puntje halen. Als je ze dan winnend afsluit en je stijgt op de ranglijst, komt er een boost van vertrouwen. Na die 5-0 tegen Utrecht leefde wel het gevoel van: nu moeten we eisen van onszelf dat het niet meer misgaat."
Wat is de sleutel geweest voor het succes?
"We hebben allemaal fantastische karakters in de ploeg, teamspelers. Dat is het mooie aan dit team. We zijn altijd bij elkaar gebleven. Ook buiten het veld. Soms zoek je ontspanning in andere dingen. Staan we met een groepje op de golfbaan, bijvoorbeeld. Leuk om elkaar daar te verslaan."

Het is, weliswaar verspreid over twee periodes, jouw vierde jaar bij Excelsior geweest. Hoe is inmiddels jouw band met de club?
"Het eerste seizoen kijk je de kat uit de boom, nu ken je de weg. De deur staat altijd bij iedereen open, zo is de club. Het is fijn werken. Voorbeeld: voorheen was ik aanvoerder, nu niet. Dat heeft me goed gedaan, daardoor kon ik de focus op mezelf houden. Widell lekker aanvoerder houden. Het is nooit een topic geweest dat ik weer aanvoerder zou worden. De club en ik hebben het er wel specifiek over gehad: we willen je terug, maar je bent sowieso geen aanvoerder. We willen wel dat je een boegbeeld voor het team wordt.
Op mijn manier ben ik een leider, dat heb ik altijd als een fijn gevoel ervaren. Excelsior is een warm bad, een familieclub. Op welke manier ik een leider ben? Ik praat met het individu, met jonge jongens. Ik probeer het overzicht te bewaren, als ik iets kan toevoegen doe ik het graag."
De jongen uit een piepklein dorp aardt goed in de grote stad.
"Inmiddels voelt het als thuis. Tuurlijk, in het begin is het even aarden. Je gaat van een klein dorp naar de grote stad. Ik woon hier met m’n vriendin en samen groeiden we erin. Ik heb altijd gezegd: je kan me overal neerzetten en ik voel me snel thuis. Maar dat het zo’n thuisgevoel zou geven, had ik vooraf niet kunnen zeggen."

Het is goed mogelijk dat je Rotterdam ook weer gaat verlaten. Ben je het ermee eens dat Excelsior niet jouw plafond is?
"Ik heb altijd gezegd dat er meer in zit. Ik heb bewust de stap naar Excelsior weer gezet. Dat leek een stap terug, maar voor mij was het een stap vooruit omdat ik weer ging spelen. Ontwikkelen voor een vervolgstap. Waar die zal zijn, is de vraag."
Je hebt nog een eenjarig contract.
"Na zo'n jaar ben je gek als je zegt dat je niet klaar bent voor een stap. Ik heb voor twee jaar getekend, maar wel met als doel om een stap te maken. Als de juiste club komt, sta ik ervoor open om dat te doen. Die ambitie heb ik wel. Of ik eisen heb? Ik wil het liefst eerste keeper worden. Een jaar als vorig jaar heb ik liever niet. Ik heb bij NEC veel kunnen leren, maar ik wil gewoon spelen. Maar ik weet ook: hoe hoger je speelt, hoe meer concurrentie er is.
Ik heb nu een situatie meegemaakt waarin ik niet speelde, dus dan weet je waar je op moet letten. Uiteraard heb je het liefst dat een club die je haalt je het vertrouwen geeft: als jij je niveau haalt, ga je spelen. Maar je moet het natuurlijk zelf afdwingen."
Heeft een binnen- of buitenlandse stap je voorkeur?
"Ik sta open voor allebei. Het moet een leuke, mooie stap zijn. En het ligt aan het plan van de club. Of ik als kind een favoriete competitie had? Als jongetje keek ik altijd naar Spanje, Engeland en Duitsland. Dat waren de bekendste competities.
Het zal geen club in een 'gek' land worden waarvan je de naam nauwelijks kent. Maar zeker, ik sta ervoor open om buitenlandse ervaring op te doen. Ik ben 29; het financiële aspect speelt mee, maar ik heb het sportieve plan altijd bovenaan staan."

Weet Excelsior van jouw wensen?
"Ze weten dat ik ambitieus ben. Mocht de kans komen, wil ik de stap maken. Tegelijk weet ik dat ik nog een jaar contract heb. Ik ben geliefd bij de club, ik zal er nooit met de pet naar gooien. Ik snap dat de club denkt: hij is niet zomaar te koop."
Iets heel anders: heeft een keeper van 29, die al ruim driehonderd wedstrijden in het betaald voetbal heeft gekeept, nog voorbeelden?
"Ik heb me in het verleden vaak aan keepers gespiegeld. Als je jonger bent, probeer je een eigen stijl te creëren. Casillas, Neuer, Van der Sar... Daar keek ik naar en probeerde ik een eigen mix van te maken. Tegenwoordig doe ik dat niet meer. Ik probeer op mezelf te vertrouwen en te focussen. De leeftijd en ervaring spelen daar ook in mee; je hebt een bepaalde basis gecreëerd waar je op terug kan vallen."
En in welke mate ben jij een puur voetbaldier?
"Ik kijk eigenlijk weinig voetbal. Jongens op de club zeggen wel eens: vanavond een dikke wedstrijd! Dan zet ik de televisie wel eens aan. En als ik voetbal kijk, let ik wel extra op de keepers. Laatst, Paris Saint-Germain - Bayern München, dat is genieten. Mijn valkuil was voorheen om 24/7 met voetbal bezig te zijn. Blijven malen, herhalen, terugkijken. Op een gegeven moment besef je: er is meer dan alleen voetbal."
Zoals vakantie, bijvoorbeeld.
"Precies. Tijd om even de kop leeg te maken, haha."

















