
Oranje op rapport: onvoldoendes voor Koeman en dissonant, één uitblinker
Het Nederlands elftal is het WK begonnen met een gelijkspel. In het kolossale AT&T Stadium leek een driepunter in de maak dankzij goals van Virgil van Dijk en Crysencio Summerville, maar in de slotfase kwam Japan toch nog langszij (2-2). VoetbalPrimeur geeft rapportcijfers aan de elf basisspelers en bondscoach Ronald Koeman.
Bart Verbruggen – 6: de hele week ging het over de heup van Verbruggen, die uiteindelijk 'gewoon' fit genoeg bleek om te keepen tegen Japan. De doelman toonde zich weer eens de degelijkheid zelve. Toch moest hij twee keer vissen.
Denzel Dumfries – 5: Oranje pakte een punt maar niet dankzij de slordige Dumfries. De toekomstige rechtsback van Real Madrid speelde een moeizame wedstrijd. Waar hij normaal voor veel dreiging zorgt met zijn diepgang langs de lijn, was Dumfries nu vooral een stoorzender.
Jan Paul van Hecke – 6: bij zijn WK-debuut hield Van Hecke zich prima staande. Al vroeg speelde hij met een bult op zijn jukbeen, als tastbaar bewijs van zijn inzet. De Zeeuw oogde betrouwbaar en kwam niet in grote problemen.
Virgil van Dijk – 6,5: voor rust maakte Van Dijk een verre van goede indruk, wat Rafael van der Vaart verleidde tot een vergelijking met een Boeing 747. Maar al snel in de tweede helft steeg Van Dijk Airlines op en was de eerste Oranje-goal op het WK 2026 een feit.
Micky van de Ven – 6: aan de wisselwerking met Cody Gakpo valt hier en daar nog wel wat bij te schaven, in de – op z'n positiefst bekeken – zeven resterende wedstrijden op dit WK. Bij de Japanse gelijkmaker speelde Van de Ven een ongelukkige rol door buitenspel op te heffen.
Ryan Gravenberch – 6: zonder écht te imponeren, maakte Gravenberch er toch een memorabel optreden van in het AT&T Stadium. Hij leverde namelijk twee assists. In het veldspel kon Gravenberch zijn stempel minder drukken.
Frenkie de Jong – 6,5: als Oranje over ruim een maand de wereldtitel wil pakken, is De Jong doorslaggevend. Dan zal hij wel het spel nog meer naar zich toe moeten trekken, in een hoger tempo. Oranje heeft dat hard nodig. En het lijdt geen twijfel dat De Jong het in zich heeft.
Tijjani Reijnders – 5,5: vooral bij corners en vrije trappen kwam Reijnders in beeld. Het is illustratief over de anonieme wedstrijd die hij afleverde. Als Justin Kluivert op de deur gaat kloppen tijdens de training in Kansas City, lijkt Reijnders' basisplaats allerminst onaantastbaar.
Crysencio Summerville – 7: precies elf dagen na zijn debuut in het Nederlands elftal schreef Summerville zijn eigen jongensboek door met een beauty voor de 2-1 te tekenen. Daarmee groeide hij in zijn derde interland uit tot de matchwinner van Oranje op het WK. Wát een entree.
Donyell Malen – 6: drie keer was Malen dicht bij zijn verlossende doelpunt, maar de bal leek er (weer) niet in te willen voor de bij AS Roma zo trefzekere Oranje-spits. Bedrijvig en gevaarlijk, maar de beloning bleef uit. Eén balletje binnenschieten en alles is anders.
Cody Gakpo – 6: zijn actie naar binnen, gevolgd door een hoge voorzet of een gekraakt schot, oogt voorspelbaar. Toch zal Koeman hem niet snel laten vallen. In Qatar én in Duitsland kroonde Gakpo zich tot topscorer van Oranje. Die goal gaat ook in de Verenigde Staten vast en zeker vallen.
Invallers
Memphis Depay – x: viel na 70 minuten in voor Malen en speelde te kort voor een beoordeling.
Teun Koopmeiners – x: viel na 70 minuten in voor Summerville en speelde te kort voor een beoordeling.
Quinten Timber – x: viel na 70 minuten in voor Reijnders en speelde te kort voor een beoordeling.
Nathan Aké – x: viel na 81 minuten in voor Gravenberch en speelde te kort voor een beoordeling.
Brian Brobbey – x: viel na 85 minuten in voor Gakpo en speelde te kort voor een beoordeling.
Bondscoach
Ronald Koeman – 5: kan Koeman terugkijken op een geslaagd WK-examen tegen Japan? Niet echt, is de simpele conclusie. De vijf wissels maakten het Nederlands elftal bepaald niet sterker en dat mag de bondscoach zich aanrekenen.
















